Van Dishoeck (publicatie 2018)

“ ALS EEN CIPRES BOVEN DE HEESTERS “
De familie Van Dishoeck en een (Achttiende) Eeuw
vol Rijkdom, Rechten en Revolutie


(Najaar 2018)


G
een enkele familienaam is zo in het historisch geheugen van de stad Vlissingen verankerd geraakt als de naam Van Dishoeck. Deze familie behoort aan het einde van de zeventiende eeuw tot de middenstand, maar in zeer korte tijd, dankzij de ongekende mogelijkheden van de VOC, bereikt zij een extreem hoge welstand die een indrukwekkende sociale stijging tot gevolg heeft.

Loge te Hougly in 1721 (Anoniem, 1724-1726), gravure, maten onbekend, collectie Scheepvaartmuseum Amsterdam

Anoniem, Loge te Hougly in 1721, ca.1725 (Collectie Scheepvaartmuseum Amsterdam)

De familie Van Dishoeck behoort hiermee tot een groep vergeten families van de Zilveren Eeuw: steevast genegeerd door grotere aandacht voor de imposante koopmanselite van de Gouden Eeuw, maar ook overvleugeld door de nieuwkomers van de Verlichting. Zij kunnen zich in welstand meten met de eerste groep, maar het verkrijgen en vooral behouden van politieke invloed over de laatste kost hen aanmerkelijk meer moeite en is vaak vergeefs. De familie Van Dishoeck is hierin exemplarisch.

Het verhaal wordt beschreven over de meest interessante periode, ruwweg gesteld op 1675-1825. Hierin staat de achttiende eeuw centraal en wordt het verhaal verteld aan de hand van drie opeenvolgende generaties – die ieder centraal staan in één deel van het boek, en elk steeds voor de grote ontwikkelingen van opkomst, glorie en neergang.

I – Ewout van Dishoeck (Vlissingen 1678-1744 Middelburg), heer van Domburg. Onder andere (opper)koopman in dienst der VOC, directeur van de VOC-faktorij Houghly in Bengalen en Extraordinaris-Raad van Indië; na zijn terugkeer in Nederland is hij schepen en raad van Middelburg en bewindhebber der VOC, ter kamer Zeeland.

Anthony Pieter van Dishoeck 001

Philip van Dijk, portret van mr. Anthony Pieter van Dishoeck (1709-1767), heer van Oudhuysen en Domburg (etc.), ca. 1730 (particuliere collectie)

II – mr. Anthony Pieter van Dishoeck (Houghly 1709-1767 Vlissingen), heer van Oudhuysen (etc.) en van Domburg, proost en aartsdiaken van het kapittel van Sint Jan (Utrecht). Onder meer raad en burgemeester van Vlissingen.

III – mr. Anthony Ewout van Dishoeck (Vlissingen 1754-1808 Axel), heer van Domburg. Onder meer raad en burgemeester van Vlissingen en bewindhebber der VOC, ter kamer Zeeland.

In populaire sociale beschrijvingen geldt het generatieverloop van nieuwe rijken als de verwerver, erver en bederver. Een familie die de derde generatie overleeft, telt mee. In algemene zin kan deze uitdrukking ook gesteld worden bij de familie Van Dishoeck, al zijn het de details die
een dieper inzicht geven in zowel het verwerven als bederven en zelfs verklaringen geven voor hoe fragiel het lot van een familie kan zijn – al zijn zij nog zo gefortuneerd.

Hoewel er door diverse historische gebeurtenissen hiaten zijn ontstaan in (vooral) de primaire Zeeuwse archiefbronnen, kan aan de hand van vele persoonlijke documenten en historische sporen, het meer dan indrukwekkende verhaal toch gereconstrueerd worden.

COA Van Dishoeck - EvD-15.10.2015

Wapen van de familie Van Dishoeck, 18de eeuw

Aan de hand van de sociaal-maatschappelijke positionering van familierelaties, carrières, vermogen, bezit en haar kunstverzamelingen worden de drie generaties in hun tijd geplaatst. Daarbij worden zij vergeleken met lokale standgenoten die een soortgelijke ontwikkeling hebben doorgemaakt maar vaker nog geheel buiten de geschiedenis zijn geraakt. Hierdoor komt het verrassend gedetailleerd beeld naar voren van een achttiende-eeuwse familie die haar nieuw verkregen fortuin niet alleen inzet voor status en invloed, maar vooral ook om zich te kunnen omringen met comfort en schoonheid. Sommigen aspecten hiervan zijn ware ontdekkingen te noemen.

Deze publicatie zal het bewijs leveren dat pracht en praal ook in de achttiende eeuw niet louter in Holland en Utrecht is te vinden. Niet alleen als regenten met een aristocratische levensstijl, maar ook als collectioneurs en mecenassen stijgen de leden van de familie Van Dishoeck daarin tot grote hoogten – of zoals een bezoeker aan één hunner woonhuizen meer dan treffend opmerkte: Als een cipres boven de heesters.

Hof van Domburg, Jacob van der Hooge, 1743 (detail)

De Hof van den Heer van Domburg en de Toren van Domburg in’t verschiet‘ (1743), gravure uit: Kabinet van Nederlandsche Gezigten, naar een tekening van C. Pronk en H. Spilman

 

 

Advertenties